Davis® methode

Volgens de grondlegger van de Davis®-methode, Ron Davis, is dyslexie niet aangeboren. Mensen met dyslexie gebruiken hun hersenen op een andere manier dan mensen die geen problemen hebben met lezen, rekenen of concentreren. De meeste mensen verwerken informatie op een ‘talige manier’: aan de hand van woorden en begrippen. Er zijn ook mensen die aan de hand van beelden en gebeurtenissen informatie tot zich nemen. Die groep noemen we ‘beelddenkers’.

Beelddenken

Beelddenken betekent dat je leert door te doen, te ruiken, te voelen, te zien. Alles wat je meemaakt sla je op in de vorm van beelden, gevoelens en kleur. Als je een woord hoort, bijvoorbeeld het woord ‘vis’ dan zie je daarbij een plaatje van een vis. Mensen die meer denken in woorden zullen de letters van het woord vis in hun gedachten zien.

woorddenken-beelddenken

Sterke kanten van beelddenken

Beelddenkers hebben een goed ruimtelijk inzicht. Ze kunnen dingen vanuit verschillende gezichtspunten bekijken. Beelddenkers hebben een groot voorstellingsvermogen. Hun denkproces verloopt heel snel en associatief. Daardoor zien ze vaak snel unieke oplossingen voor lastige problemen. Uit onderzoek blijkt dat beelddenkers voornamelijk hun rechter hersenhelft gebruiken. Dit komt heel goed van pas bij processen waar creativiteit en verbeelding nodig zijn. Maar voor vaardigheden zoals lezen en rekenen heb je je linker hersenhelft nodig. Met de Davis®-methode leer je technieken die je helpen om de rechter- en linkerhersenhelft zo goed mogelijk te laten samenwerken.

De Davis-methode is voor mij een goede methode, waarin je duidelijk en rustig leert om het lezen en schrijven onder de knie te krijgen. De manier waarop de technieken worden afgewisseld met een spel, heb ik als prettig ervaren.
- Michael (31 jaar)

Leerproblemen

Iedereen wordt als beelddenker geboren. Tot een jaar of zes gaat de ontwikkeling van het woord- en beelddenken gelijk op. Zodra het kind begint met lezen en rekenen wordt ineens een veel groter beroep gedaan op woorden en taal, zowel gesproken als geschreven. De meeste kinderen gaan goed om met deze verandering: ze ontwikkelen hun woorddenken waarbij de beelden ondersteunend zijn aan het leerproces.

Verwarring

Niet alle kinderen kunnen de overgang van het beeld- naar woorddenken goed maken. Hun voorkeur voor beelddenken is zo sterk dat ze in verwarring raken van letters of cijfers. Dit zijn immers symbolen waar je maar op een manier naar kan kijken. Het creatieve brein van de beelddenker is daar nog niet klaar voor: het raakt in verwarring. Ook mondelinge opdrachten en instructies kunnen voor verwarring zorgen. Door de verwarring die optreedt, wordt de waarneming vervormd en ben je niet meer in staat een uitleg te volgen of te zien wat er voor je staat. De verwarring zorgt ervoor dat iemand zich onzeker en ‘dom’ kan gaan voelen. Deze verwarring wordt in de Davis®-methode ‘desoriëntatie’ genoemd.

Oplossen van de leerproblemen

De kern van het oplossen van leerproblemen ligt in het omgaan met die desoriëntatie. Ofwel: je leert om je aandacht te richten. Dit noemen we ‘oriënteren’. Je leert ook hoe je jouw voorkeur voor denken in beelden in kan zetten bij het lezen en leren. Hierdoor krijg je weer vertrouwen in jezelf en wordt leren weer leuk! Want je bent niet dom, je gebruikt je hersenen alleen op een andere manier.

Tijdens een counseling worden veel verschillende werkvormen ingezet. Je werkt veel met klei omdat je daarmee je eigen beelden kan maken. We doen ook veel spelletjes om verschillende vaardigheden te oefenen en vooral ook om plezier te hebben.

Meer weten over de Davis®-Methode?
Neem contact met me op voor een vrijblijvend gesprek